Hoelang mag ik blijven? Hoe een Joods meisje dertien onderduikadressen overleefde.

  • strict warning: Declaration of views_handler_filter_node_status::operator_form() should be compatible with views_handler_filter::operator_form(&$form, &$form_state) in /home/hvv1b/public_html/sites/all/modules/views/includes/handlers.inc on line 76.
  • strict warning: Declaration of views_plugin_style_default::options() should be compatible with views_object::options() in /home/hvv1b/public_html/sites/all/modules/views/includes/handlers.inc on line 76.
Non-fictieNon-fictie
boek-afbeelding: 
Auteur: 
Wendy Geuverink
Uitgeverij: 
Omniboek, 2018
ISBN: 
9789401912426

Wendy Geuverink heeft het waargebeurde verhaal van Truus van Zuiden (°1926) opgetekend die tijdens de Tweede Wereldoorlog tweeënhalf jaar moest onderduiken omdat ze Joods was.

Truus en Wendy, psychologe van opleiding, ontmoeten elkaar bij gezamenlijke kennissen. Als Truus haar vraagt haar verhaal op te schrijven, twijfelt Wendy geen seconde. Ze heeft immers een nooit aflatende interesse voor verhalen over de Tweede Wereldoorlog.

In het begin van de oorlog verandert er nog niet zoveel voor Truus. De eerste maatregel waar ze zélf veel last van had, werd van kracht september 1941. Joodse leerlingen mochten opeens niet meer naar een niet-Joodse school. Vermits er bij haar in de buurt geen Joodse school was, bleef ze vanaf dan thuis. Vervolgens kwam er het verplichte dragen van de davidster.

Op 23 juli 1942 wordt haar vader verplicht te vertrekken naar een werkkamp in Ortervelde. Ze heeft hem nooit meer teruggezien.

In september 1942 beslist moeder dat het te gevaarlijk wordt voor het gezin (moeder, Max en Truus) in Hoogeveen en duiken ze onder in Den Haag. Daarover zegt Truus achteraf: “We betraden vol goede moed ons nieuwe huis, maar hadden in werkelijkheid geen idee over welke drempel we eigenlijk heen waren gestapt”.

Ze krijgt ook een vals persoonsbewijs, ze is nu Jana Maria Sturm, een Duitse en vier jaar ouder dan ze in werkelijkheid is. Vanaf dan zal ze op dertien verschillende adressen in Nederland verblijven. Ze woont in huis bij gereformeerden, katholieken, verzetsmensen en zelfs bij NSB’ers. In elk gezin past Truus zich onmiddellijk aan. Al snel heeft ze door dat je lief moet zijn, nooit je stem mag verheffen en goed moet meehelpen in de huishouding - want je leven hangt ervan af.

Op sommige onderduikadressen krijgt ze het zeer zwaar te verduren. Bij de familie Van der Linde in Veenhuizen wordt ze bijna verkracht door de heer des huizes, hoofdonderwijzer in de plaatselijke school. Ze krijgt er ook een longontsteking waarvan ze maandenlang moet herstellen.

Toch zijn er ook mooie momenten: een eerste verliefdheid, een eerste echte kus,... Ondanks alles wordt Truus steeds sterker en vindingrijker. Kort voor het einde van de oorlog neemt ze zelfs deel aan het verzet.

Kort na de bevrijding wordt Truus negentien en wordt ze herenigd met broer Max en met moeder die ternauwernood Auschwitz heeft overleefd.

Ik heb dit boek letterlijk in één ruk uitgelezen. Het verhaal van Truus wordt op een bijzonder vlotte manier verteld en het is bovenal een boek over veerkracht, strijdbaarheid, moed en levenslust. Anderzijds is het ook een verhaal van angst en verdriet. Zoals Truus zélf zegt, draagt ze nog alle dagen de pijn van wat ze heeft meegemaakt met zich mee.

Een zeer aangrijpend boek.

 

Martine Messagie