Eeuwen van duisternis.De christelijke vernietiging van de klassieke cultuur.

  • strict warning: Declaration of views_handler_filter_node_status::operator_form() should be compatible with views_handler_filter::operator_form(&$form, &$form_state) in /home/hvv1b/public_html/sites/all/modules/views/modules/node/views_handler_filter_node_status.inc on line 13.
  • strict warning: Declaration of views_plugin_style_default::options() should be compatible with views_object::options() in /home/hvv1b/public_html/sites/all/modules/views/plugins/views_plugin_style_default.inc on line 24.
Non-fictieNon-fictie
boek-afbeelding: 
Auteur: 
Catherine Nixey
Uitgeverij: 
Overamstel- imprint Hollands Diep, 2017
ISBN: 
978 90 488 3133 3

De schrijfster is – net zoals wij allemaal in min of meerdere mate - het product van haar eigen christelijke opvoeding. Niet zozeer omdat ze de dochter is van een uitgetreden monnik en non die allebei les gaven, want die bleken geen drang te hebben haar te indoctrineren, maar omdat ze opgroeide met een Westerse visie op de geschiedenis. Het beeld dat we meekregen was er één van een christendom dat het prachtige en nieuwe ideaal van goedheid, liefde voor de evenmens en tolerantie in de Westerse cultuur binnenbracht na eeuwen van slordig veelgodendom, zonder werkelijk hoogstaande morele inzichten, en hoe het te danken was aan dat christendom dat de oude klassieke waarden toch nog ergens bewaard bleven nadat het Romeinse Rijk overstroomd werd door barbaarse volksstammen. Die “Klassieke” wetenschap, filosofie en cultuur werd gekopieerd door naarstige monniken in hun kloosters en becommentarieerd door christelijke filosofen-schrijvers zoals, bijvoorbeeld, Augustinus en mondde uiteindelijk uit in de Renaissance en de Verlichting. Ergens hebben we nog wel even wat hulp gekregen van de islam (moslimgeleerden die klassieke teksten vertaalden naar het Arabisch), waar wij dan weer een soort aanvullend gebruik konden van maken…

Niet zo, volgens Catherine Nixey, die deze reusachtige verdraaiing van de waarheid wil rechtzetten. Het geeft je een schok te moeten lezen dat, zoals deze schrijfster stelt, maar 1% van de Latijnse literatuur en 10% van de klassieke geschriften de geschiedenis overleefde en dat dus een verbijsterende 99%-90% verloren ging en ook dat - nog erger - dit “verloren gaan” grotendeels te wijten was aan het christendom. Je moet, als dit klopt, je beeld van die zachte eerste Christenen die meedogenloos vervolgd werden radicaal bijstellen; die christenen die dan nog hun vijanden liefhadden, de vervolgingen lijdzaam ondergingen - ook als ze voor de leeuwen geworpen werden. Ze waren integendeel intolerant, militant, wreed, meedogenloos en agressief, kortom destructief.  Zij geloofden immers in de ene ware god en de enige en echte zaligmakende waarheid, zij hadden het ene, ware geloof in pacht… Ze moeten worden uitgeroeid, die “anderen”, die niet-gelovigen, vond Augustinus.

Wat ze zeker wél deden vanaf de eerste tot de zesde eeuw, was al wie niet meedeed met hun geloof vervolgen - met àlle mogelijke middelen: fysiek, psychologisch, met de wet, met sociale druk, met terechtstellingen, huiszoekingen, moord, vernieling, het plunderen en met de grond gelijkmaken van tempels, vernietigen van altaren, het stukslaan van “afgodsbeelden”, het verbranden van alle boeken en geschriften die ze konden vinden bij andersgezinde burgers of in “heidense” bibliotheken (zoals de beroemde bibliotheek van Alexandrië).

De auteur stelt het scherp door wat er gebeurde te vergelijken met wat Isis zo recent nog deed; met als verschil dat wat toen gebeurde op veel grotere schaal plaatsvond, en verspreid werd over enkele eeuwen. “Alles vernielen wat niet met het ware geloof te maken had” dus. En daar honderdvoudig zou voor beloond worden in het hiernamaals, want wat je doet in naam van het geloof is immers nooit verkeerd…

Nixey beantwoordt duidelijk en scherp de vraag die misschien al in je achterhoofd te sluimeren zat : Waarom is er toch zo weinig van de klassieke cultuur terug te vinden? Waarom blijven er van de meeste prachtige gebouwen en tempels van toen enkel ruïnes over? Komt dit enkel door de tand des tijds? Enkel omdat mensen de stenen materialen gingen gebruiken om eigen huizen en kerken te bouwen? Toch vreemd dat er zelfs van de werken van de grootste klassieke filosofen, dichters en wetenschappers zo weinig ‘overleefde’? Waarom zijn praktisch alle beelden van uit de oudheid beschadigd en blijven er van de meeste enkel maar fragmenten over?

Catherine Nixey schreef dit boek over de christelijke vernietiging van de klassieke wereld, en illustreert dit overvloedig met een “reis” doorheen dàt stuk geschiedenis en in dié delen van de wereld waar dit plaatsvond: van Egypte naar Rome, naar Turkije, naar Alexandrië in Egypte, naar Syrië en uiteindelijk naar Athene, waar de christenen de laatste filosofen uit de bakermat van de klassieke beschaving verjagen.

Ze schrijft expressief, vertelt vloeiend, welsprekend. Ze wil niet zomaar droog geschiedkundig te werk gaan, maar onderneemt ook een poging doen om de klassieke wereld te herscheppen: de geur ervan, hoe de tempels aanvoelden, de godenbeelden, het lawaaierige Rome, burgers die beelden gebruikten om daarachter hun behoefte te doen, de nimfen die naakt dansten in de straten, de tonnen water die langs viaducten Rome binnenstroomden,… Ze wil de rook inademen van de heidense offers, binnenlopen in de vuurtoren van Alexandrië en de prachtige bibliotheek, ze wil het hebben over het verbazend talent en genie dat Gallenus was, over één van de grootste intellectuelen en denkers die Celsus heette en die een boek schreef over het christelijk geloof (maar die nu niemand meer kent want de christenen waren zo nijdig op hem dat ze woest alles wat hij schreef zo grondig vernietigden dat er van al zijn geschriften nog maar enkel die fragmenten overblijven die zijn vijanden later aanhaalden om te proberen zijn argumenten  te weerleggen….) Ze wil vertellen over de knotsgekke Antonius en zijn vleselijke bekoringen. De man ook die een nieuwe mode veroorzaakte waarbij een menigte “kluizenaars” de woestijn introkken om daar de rest van hun leven door te brengen in een boom of op een zuil. Ze wil vertellen over de romeinse gouverneurs die wanhopig hun best deden om de christenen over wie ze  moesten recht spreken, er toe te overhalen toch maar even dat kleine nodige te doen om het op een offer te doen gelijken zodat ze hen konden laten gaan; of die de aandrang van weer andere christenen die per se ter dood wilden gebracht worden zό grondig beu werden dat ze hen aanraadden dan maar zélf in het water of in een afgrond te springen. Ook toen was “martelaar” worden om zo het eeuwig leven meteen binnen te stappen, blijkbaar erg populair.

Deze “vertellingen” doen niets af aan het degelijke historische gehalte van het boek, want Catherine Nixey weet inderdaad duidelijk te maken wanneer ze deze “literaire” beschrijvingen invoegt als pure illustratie en evocatie van de historische feiten. Ze houdt duidelijk van de klassieke oudheid en cultuur en toont helemaal geen medeleven met de keizers, de bisschoppen, de gezagsdragers, de “gewone” gelovige christenen waarvan sommigen vonden dat ze mensheid moesten redden, genezen van haar dwaling en met alle middelen voorkomen dat ze in die verschrikkelijke hel zouden belanden die christelijke schrijvers van toen zo kleurrijk wisten te beschrijven; en waarvan de slachtoffers waarschijnlijk verblind waren door de duivel die altijd en overal aanwezig was, zich met ongelooflijke snelheid kon verplaatsen om zondige gedachten en ideeën in de verbeelding van de mensen te planten.

De auteur is er volgens mij ook echt in gelukt deze absurd grote, vertekende kijk van de Geschiedenis eindelijk recht te zetten. Wat een boek oplevert dat toch meer omvat dan enkel maar een rechtzetting, een wijsvinger op het christendom gericht, maar ook een brok geschiedenis over de kracht en pracht van de klassieke oudheid, levendig gemaakt met zoveel interessante details, illustratieve gebeurtenissen en feiten - waardoor het dubbel zo schrijnend wordt het ontroerend einde te moeten lezen, met de beschrijving van hoe de zeven laatste bewoners-filosofen van de Akademia in Athene in 532 hun beroemde filosofische school moeten verlaten, weggejaagd door de bloeddorstige “tiran”, “de woeste stroom” van het christendom om in de vergetelheid van de geschiedenis te verdwijnen.

Dit boek omvat 398 bladzijden, 27 pagina’s bibliografie, 30 pagina’s nota’s en 16 pagina’s illustraties.

Een absolute eye-opener!

 

V De Raeymaeker