Carpe Diem

  • strict warning: Declaration of views_handler_filter_node_status::operator_form() should be compatible with views_handler_filter::operator_form(&$form, &$form_state) in /home/hvv1b/public_html/sites/all/modules/views/includes/handlers.inc on line 76.
  • strict warning: Declaration of views_plugin_style_default::options() should be compatible with views_object::options() in /home/hvv1b/public_html/sites/all/modules/views/includes/handlers.inc on line 76.
Non-fictieNon-fictie
boek-afbeelding: 
Auteur: 
Roman Krznaric
Uitgeverij: 
Ten Have, 2017
ISBN: 
978 90 259 05149

‘Carpe diem!’ Met onze eindigheid en sterfelijkheid voor ogen kunnen we die aansporing best gebruiken. Zorg dus meteen voor jouw bucketlist (p. 41) en ‘Genieten maar!’ Niet zo… Volgens Roman Krznaric is er meer aan de hand…

Hint: Ga eerst eens naar https://www.youtube.com/watch?v=ZXsQAXx_ao0

Sinds de troostende belofte van een hiernamaals verdampt is, worden we door de welvaartsindustrie aangespoord – Nike: ‘Just Do It.’ (p.68) - om hic et nunc al ons geluk te verwachten van het overvloedige, maar absurde (Camus!) consumentenparadijs waarin we verzeild zijn geraakt… Kiezen dus tussen de graaiende bandeloosheid van het moment als nietsontziende libertijn of een solidair en bedachtzaam, maar desondanks levenslustig hedonisme? Eenvoudig kan echter ook, want: ‘We zouden ernaar kunnen streven om de dag te plukken door onze starre tijdschema’s af te danken en ons te bekwamen in een levenswijze waarin we spontaan en improviserend allerlei beslissingen nemen.’ (p. 24) Spontaan? Improviserend? Krznaric komt er in 'Carpe Diem' uitgebreid op terug… 

Wat Horatius (-65/-8) wél bedoelde

Met zijn (!) carpe diem, - in Ode XI luidt het meer voluit: ‘Carpe diem, quam minimum credula postero’ -, formuleert (een verliefde?) Horatius  een stukje antiek hedonisme of (misschien toch veeleer) een stoïcijnse levenswijsheid. Vrij (!) vertaald: ‘Pluk de dag, zo min mogelijk vertrouwend op de volgende dag.’ De dichter liet genoeg poëtische vaagheid over om te maskeren wat hij eigenlijk bedoelde. Latere invullingen zorgden dan ook voor een rist interessante dan wel onterechte toeëigeningen. Niet in het minst die van de afwijzing door een ascetisch christendom dat vooral sinds Augustinus (p. 63) weinig opgezet was met een blijmoedig en lustig leven. Al zorgde Montaigne (en anderen) later wel voor enig eerherstel… Maar onderweg kreeg het incentive toch wel heel uiteenlopende inhouden mee: geniet, doe het nu, grijp je kans, verbeuzel geen tijd, niet luieren, ga er voor, ikke eerst, … Even zovele kandidaten voor rechtzettingen en kritiek.

Elixer voor de zwijnen…

Volgens Krnznaric kan carpe diem ons echter toch inspireren om te komen tot waarachtig genot, spontane acties en kansen in het dagelijkse leven. Én in de politiek... ‘Laten we het hedonisme niet veroordelen als een leer die alleen geschikt is voor zwijnen. We hebben het nodig als een krachtig elixer voor persoonlijke en maatschappelijke bevrijding.’ (p. 152) Geruststellend in perioden van krampachtig verzet tegen uitbuiting en overdadige verspilling door bandeloos genot… Maar dan moet Krnznaric ‘het tweeduizend jaar oude motto wél heroveren op zijn kapers’ (kaft) en hertalen in de context van graaiculturen, neoliberalisme en verspilling. Hedonisme en duurzaamheid, het lijkt een moeilijk huwelijk. Want rauw hedonisme is misschien vooral: ‘Meer! Méér! Méééér!’ Dus onderzoekt Krnznaric de vele betekenissen (en toeëigeningen) van ‘Carpe diem’ niet enkel op hun existentiële en maatschappelijke houdbaarheid, maar ook op hun morele en politieke aanvaardbaarheid. Zeg maar: ‘Welk leven wil je leiden? Of: ‘Hoe gelukkig wil je zijn?’

‘Just Do It.’ (Nike)

Behalve op het christendom en andere moedeloze sussers heeft Krznaric het vooral niet begrepen op de media, de consumentenindustrie en - tja - ook mindfulness. De consumentenindustrie - ‘Just Do It.’ (Nike) - is volgens hem verworden tot ‘Just Buy It’. Hightechmedia voorzien rigoureus in de onmisbaarheid van een virtuele, geprefabriceerde en luie beleving. Ook al bestaan er apps die je ontraden van te veel te surfen! (p. 85) Dergelijke sturende controle-apps had een vergoelijkende Steve Jobs denkelijk ook wel willen aanprijzen… (p. 36) Het soort pleisters dat net zo efficiënt het graaien en de oververzadiging consolideert. Vormen van repressieve tolerantie en een-dimensionale aberratie (Herbert Marcuse) met het oog op meer carpe diem? Volgens Krznaric vooral virtuele pseudobelevingen zonder intrinsieke voldoening of betekenis, een sedentair leven (p. 82) uit de tweede hand...

Mindfulness zou hier misschien soelaas kunnen bieden, want een zoektocht naar het diepste in jezelf, maar volgens Krznaric net iets té introspectief duikend in het Ik en het Nu: ‘Het gevaar van mindfulness is dat door onze aandacht op het huidige moment te richten, verleden en toekomst te ver naar de achtergrond worden gedrongen.’ (p. 167) De verzuchting van Krnznaric is immers dat carpe diem solidair in de wereld staat en zich richt op pro sociale en morele doelen… Dat vindt hij wél bij Viktor Frankl en de logotherapie: mensen streven eerder naar ‘betekenis’ dan ‘plezier’. Daar valt als rechtzinnige humanist heel wat voor te zeggen, maar dan zal ‘het streven dat hij tot het zijne heeft gemaakt’ (Karl Jaspers) voor hen ook herkenbaar en concreet moeten zijn. Voor de zoekenden onder ons geeft Krnznaric (in navolging van Frankl) alvast enkele hints: ‘Dat kan het ontwerpen van een nieuw soort ruimtetelescoop zijn, of campagnevoeren tegen aantasting van de biodiversiteit, leiding geven aan een semiprofessioneel koor of het verzorgen van een zieke vader of moeder.’ (p. 168) Daar heb je als humanist zeker een pragmatische boodschap aan, maar het geeft carpe diem in al zijn concreetheid en passant ook een existentieel laagje vernis. Maar er is meer…

Want het kan nóg politieker en filosofischer. Krnznaric graaft graag diep en identificeert carpe diem als een drijvende kracht achter het politiek activisme en het pragmatisch opportunisme van spontane bewegingen als Podemos, Occupy en soortgelijke rebelsheid... Waarvan volgens hem spontaneïteit en leven in het moment(um) de drijvende krachten zijn. De vitaliteit van carpe diem en de kracht van verandering! Dus wat weerhoudt ons om op te staan en tegen te spartelen tenzij: risico, apathie en uitstelgedrag, overbelasting, macht en ongelijkheid, culturele kaping, …? Kortom: ‘Fear of freedom’.

Tja, hoe zit het dan ook weer met de vrije (?) wil en de bewuste (?) keuze? Laat dat dan meteen de kernwoorden zijn van de carpe-diem-mandala die Krnznaric voorstelt. (p. 287) Een inspirerende screensaver op je smartphone die helpt bij het kiezen voor en werken aan een positieve invulling van ons carpe-diem-instinct: een diep menselijk verlangen naar vrijheid, spontaniteit, leven in het moment, kansen grijpen, genieten, politiek handelen, … Zo wordt ‘Carpe Diem’ meteen ook een doe-boek. ‘Just Do It!’

Quintus Horatius Flaccus zal tevreden zijn…

 

Karel Van Dinter